Korte informatie over de kerk van St. Andrew


GESCHIEDENIS VAN DE BOUW

 

kifue-x1-loewe

De broer van keizer Otto de Grote, Bruno, was van 953 tot 965 aartsbisschop en stichtte het kanunnikensticht St. Andreas. Hij liet een vroegromaanse kerk met een crypte bouwen, waarvan in de huidige crypte nog overblijfselen te zien zijn. De kerk werd op de jaardag van de heilige Andreas en alle apostelen van Christus gewijd. In Keulen stond een nog oudere kerk: St. Matthaeus in Fossa (d.w.z. in de greppel). Deze kerk bevond zich voor de noordelijke poort van de Romeinse stad Keulen. In en rond de St. Andreas zijn bij opgravingen overblijfselen van Romeinse bouwwerken en Merovingische sarcofagen uit de beginperiode van de stad ontdekt.
Rond 1200 startte de bouw van de huidige kerk in laatromaanse stijl. Het was een pijlerbasiliek met drie schepen (in dit type kerken is het middenschip hoger dan de zijbeuken), met daarvóór aan de westzijde de grote ingang, de vieringstoren en het kanunnikenkoor.
Tegen de dwarsschepen aan waren aan de oostzijde voorportalen gebouwd, die als ingang voor de gelovigen dienst deden. Het tegenwoordige portaal aan de westzijde maakte deel uit van de toenmalige kruisgang. Het voorportaal aan de noordzijde werd verbouwd en doet nu dienst als sacristie. In deze sacristie bevindt zich het Romaanse leeuwenportaal.
In de 14e eeuw werden de muren van de transepten opengebroken en werden er kapellen in gotische stijl aangebouwd. Nadat het Romeinse koor aan de oostzijde was afgebroken en de crypte was verwoest begonnen de kanunniken in 1414 met de bouw van het gotische hoge koor in navolging van de Munsterkerk in Aken. Tegen het einde van de 15e eeuw werd op het ronde Romaanse basement van de apsis aan de noordzijde een laatgotische kantige bovenbouw (voor 5/8 gesloten) opgetrokken. Op de plaats van de zuidelijke apsis werd in 1492 een geheel nieuw transept gebouwd. In 1539 werd aan de zuidwestzijde de Rozenkranskapel aangebouwd.

DE ROMAANSE STIJL

kifue-x1a-romanik

Romaanse kerken kenmerken zich door een veelledige bouwstijl en een kruisvormige plattegrond en dikwijls ook door een grote hoeveelheid torens met robuuste details. De hemelse stad Jeruzalem wordt afgebeeld als een heilige burcht. Vooral de westzijde heeft het karakter van een vesting, want de kant waar de zon ondergaat wordt gezien als de poort waar de duisternis, het kwaad, binnenkomt.
De dikke muren symboliseren de wereldlijke macht die de kerk wil beschermen. Aan de oostzijde, in de richting van de opgaande zon, verheft zich het altaar, waarop Christus, het licht van de wereld, is afgebeeld. In het schip van de kerk, tussen de ingang van de kerk aan de westzijde en het koor aan de oostzijde, zitten, beschermd door de wereldlijke en geestelijke macht, de parochianen.
Door het gebruik van dierenfiguren en bladmotieven wordt de "gehele schepping" de kerk binnengehaald en zo gerangschikt dat zij de lof prijst van de enige ware God. Een groeiende heiligenverering leidt tot de bouw van crypten (onder het altaar en het koor aan de oostzijde), met als doel de gelovigen direct toegang te geven tot graven en relikwieën.

DE GOTIEK

 

kifue-x1b-gotik

In de Andreaskerk zijn Romaanse en gotische elementen te vinden. De aangebouwde zijkapellen zijn in de gotische stijl gebouwd. In een oogopslag worden de verschillen tussen deze beide bouwstijlen duidelijk. De gotiek kenmerkt zich door lichtere vormen dan de Romaanse stijl. Het hoge koor is gotisch. De gotiek tracht het hemelse Jeruzalem zintuiglijk waarneembaar te maken. De hemel met zijn scharen engelen en heiligen wordt naar de wereld gehaald doordat de muren schijnen "op te lossen" in het licht dat door de ramen naar binnen stroomt.

 

(Plattegrond: Pop-Up; leg de fensteren beneden)


MUURSCHILDERINGEN

kifue-x2-muralpaintings

In de Middeleeuwen, toen de meeste mensen niet konden lezen, dienden de voorstellingen op muren, altaren en ramen om het geloof te onderrichten. Van deze voorstellingen is slechts een deel bewaard gebleven, bijvoorbeeld in de derde kapel aan de zuidzijde: Christus als rechter van de werelden (1), de kroning van Maria (2). Vermeldenswaard zijn de voorstelling van het laatste oordeel (3) en een hoofd (Paulus) op twee pilaren in het middenschip. De Mariakapel aan de noordzijde met scènes uit het leven van Maria (5) is een belangrijke kunstschat op het gebied van gotische muurschilderingen (hier ziet u een fragment).

Op deze gotische muurschildering uit de tijd rond 1325 wordt het leven van Maria op vier boven elkaar geschilderde tableaus uitgebeeld. Onderste tafereel: de gekruisigde Christus met aan zijn rechterzijde Maria, ondersteund door Johannes, met naast zich Petrus en de heilige Ursula. Aan de linkerhand van Christus bevindt zich de apostel Philippus, daarnaast de heilige Lambertus en de heilige Gregorius. Op het tafereel daarboven is der verering door de Drie Koningen te zien, met op de achtergrond dienaren met hun paarden. Het volgende tafereel is in drie scènes verdeeld: de Verkondiging, het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabeth en de geboorte van Christus. Onder de spitsboog op het bovenste tafereel is de kroning van Maria door Christus afgebeeld, omgeven door engelen.

BEELDHOUWWERKEN

(6) De Madonna met de rozenkrans
Aan de rechterpilaar in de viering hangt het beeld van de Madonna met de rozenkrans. Het beeldje is afkomstig uit het voormalige dominicaner klooster en is een van de oudste afbeeldingen van het rozenkransmotief. Het is in 1471 in Keulen gemaakt.
(7) Crucifix met Maria en Johannes. Boven de triomfboog (de boog boven de vieringpijlers, die de scheiding vormen tussen het middenschip en het koor) hangt een crucifix van eind 15e eeuw.
(8) Michael. Voor de galerij aan de westzijde staat het laat 15e-eeuwse beeld van de aartsengel Michael. Het is van de hand van de Keulse beeldhouwer Tilman.
(9) Christophorus. Bij de ingang van de kerk staat een meer dan levensgroot beeld van de heilige Christophorus (rond 1490), dat waarschijnlijk ook uit het atelier van Tilman afkomstig is.
Voorportaal dat deel uitmaakte van de voormalige kruisgang. De bogen doen denken aan oosterse versieringen en worden als een hoogtepunt van laatromaanse kunst in het Rijnland beschouwd.
(10) Crucifix. Houten crucifix van begin 16e eeuw.
(11) Andreas. Beeld van de patroonheilige van de kerk, de apostel Andreas, uit de 18e eeuw.
(12) Bloedput (15e eeuw) in het voorportaal. Volgens de inscriptie zou het bloed van de metgezellinnen van de heilige Ursula eroverheen gestroomd zijn.
(13) In het toegangsportaal, van de hand van Karl M. Winter (1963) is de heilsgeschiedenis afgebeeld. In het midden de geboorte en dood van Jezus (het Nieuwe Verbond) met daaromheen een volk dat alle naties omvat. In de achthoek de personages uit het Oude Verbond met wie God een verbond heeft gesloten: Noach, Abraham, Moses-Aaron. Maria-Boodschap, de heilige Drie Koningen. Het woord van God wordt verspreid.

kifue-x3-madonna

SCHILDERIJEN

(14) Altaartableau van de Broederschap van de Rozenkrans, ook wel de »Madonna met de mantel« genaamd (Meister v. St. Severin, rond 1510-1515). Het doek werd op instigatie van de toenmalige keizer Maximiliaan geschilderd als dank voor de redding van de stad na een hachelijk beleg. Het doek is tegelijkertijd een aandenken aan de oprichting van de Broederschap van de Rozenkrans op 8 september 1474 door de dominicanen, die de gemeenteraad en de burgers met grote nadruk hadden aangespoord om Maria, de moeder van Jezus, door het bidden van de rozenkrans om hulp te smeken.
Tijdens het bidden van het rozenhoedje kijken we met Maria naar het leven, sterven en de verheerlijking van Jezus Christus. Door de voortdurende herhaling in gebed ontstaat ruimte voor innerlijke stilte waar zo'n rustgevende kracht van uitgaat dat we ons leven op God richten.
Maria wordt als koningin van de rozenkrans en als beschermvrouwe van de Broederschap van de Rozenkrans afgebeeld. Het kind dat op haar handen zit, speelt met een rozenkrans die zij om haar hals draagt. Boven haar hoofd houden engelen drie kransen van rode en witte rozen vast bij wijze van kroon. Haar wijde mantel wordt aan de linkerkant vastgehouden door de heilige Dominicus, en aan de rechterkant door de heilige Petrus van Milaan, de schutspatroon van het Keulse brouwersgilde. Onder Maria's beschermende mantel knielen links de geestelijken die lid zijn van de Broederschap van de Rozenkrans samen met de paus, en rechts de wereldheren met de keizer, diens familie en vertegenwoordigers van het brouwersgilde. Aan de uiterste zijkanten zijn de heilige Dorothea en Cecilia te zien.
(15) Afbeelding van het Laatste Oordeel (1573)
Momenteel in retauratie
(16) De kruisiging van de heilige Andreas (1658). Altaarstuk dat deel uitmaakte van het toenmalige barokke hoge altaar. De heilige is op het schuin geplaatste kruis vastgebonden.
(18) Albertus als bisschop (17e eeuw van de hand van J. Hülsmann). De in bisschopsgewaad afgebeelde heilige wijst naar het teloorgegane dominicanenklooster van het Heilig Kruis op de achtergrond. Hij gaf zelf opdracht tot de bouw van het koor van dit klooster.
(26) Drieluik van Barthel Bruyn (1493-1555). Middelste tafereel: de kruisiging; linkerpaneel: paus Urbanus en de heilige Ulrich; rechterpaneel: de martelaarsdood van de heilige Andreas.
(27) De verrijzenis van Christus (1551). Middentafereel: de verrijzenis van Christus, daaronder op de knieën de schenker; linkerpaneel: de Hemelvaart van Christus; rechterpaneel: de komst van de Heilige Geest.


Relikwieënverering

Dit verschijnsel kennen we niet alleen in het Christendom maar ook in vele andere godsdiensten. Hieronder verstaan we het vereren van de overblijfselen van heiligen (botten, kleding enz.) waar een bijzonder kracht van uit zou gaan. Volgens religieuze opvattingen geeft aanraking of ook wel de simpele aanwezigheid van de relikwieën een heiligende en helende kracht en bescherming. De uitingen van relikwieënverering zijn in de loop van de geschiedenis sterk veranderd. In het Christendom begon de relikwieënverering al vroeg met de verering van de graven van martelaren. Het hoogtepunt van deze vorm lag in de Middeleeuwen. Relikwieënverering is een vorm van heiligenverering. Op deze wijze belijden de Christenen hun geloof in de verrijzenis, stellen zij vertrouwen op de voorspraak van de heiligen en nemen zij voor hun eigen leven een voorbeeld aan het leven van de heiligen.
Relikwiehouders waren oorspronkelijk kleine kistjes in de vorm van een sarcofaag (kistreliekschrijnen) als bewaarplaats van of vervoermiddel voor relikwieën. Vanaf de Middeleeuwen kwamen er rijkversierde reliekschrijnen met een zadeldak. In de gotiek gaf men de voorkeur aan kapel- en kathedraalvormige relikwiehouders.
(19) Apostelschrijn, gotisch, eind 14e eeuw, Christus, Maria, daaromheen de gestalten van apostelen, Dionysius, bevat een relikwie dat afkomstig is van de arm van de heilige Andreas.
(20) Maccabeeënschrijn
Oorspong van de Maccabeeënschrijn
De Maccabeeënschrijn komt van oorsprong uit de kerk van het Maccabeeënklooster in Keulen en kwam in 1808 naar de St. Andreas. De herinnering aan dat in 1803 opgeheven klooster van de benedictinessen, waarvan de vervallen overblijfselen in 1808 zijn afgebroken, is tegenwoordig alleen nog bewaard gebleven in de straatnaam "Machabäerstraße" (een zijstraat van de Eigelstein).
De heilige Maccabeeën en hun verering
De heilige Maccabeeën zijn oudtestamentische heiligen, dus heiligen van voor het ontstaan van het Christendom. Het zijn moeder Salomone en haar zeven zonen die in de 2e eeuw voor Christus de marteldood stierven omdat ze vasthielden aan de joodse wetgeving. Vanaf de 4e eeuw werden de relikwieën van de Maccabeeën ook door de Christenen vereerd, die deze later naar Constantinopel en Rome brachten (San Pietro in Vincoli). Volgens een legende zou aartsbisschop Rainald von Dassel de Maccabeeënrelikwieën samen met de relikwieën van de heilige Drie Koningen in Milaan uit handen van keizer Frederik Barbarossa hebben ontvangen en ze in 1164 naar Keulen hebben overgebracht.
Beschrijving van de Maccabeeënschrijn
De Maccabeeënschrijn is een met vergulde koperen platen beslagen houten kist in de vorm van een kerk. De ornamenten zijn laatgotisch. De lange zijden en de daken bestaan uit in totaal veertig reliëftaferelen, waarin parallellen worden getrokken tussen de geschiedenis van de Maccabeeën en het lijden van Christus en diens moeder. De beide lange zijden en de daken bestaan elk uit vijf taferelen uit het leven van de Maccabeeën met recht daarboven vijf taferelen uit het lijdensverhaal van Christus die daarmee overeenkomen. Een van de duidelijkste voorbeelden is de parallel tussen de geseling van de maccabeeënbroeders en de geseling van Jezus op een van de lange zijden. Op de voorkant van de schrijn is de kroning van Maria en de kroning van de Maccabeeën te zien, op de achterzijde is de hemelvaart van Christus en van de Maccabeeën afgebeeld. Op de hoekpilasters van de schrijn zijn figuren van Christus, Maria, Helena en bisschop Rainald von Dassel aange-bracht; daarboven op de hoeken van het dak zijn de vier evangelisten afgebeeld.

kifue-x3a-machabschrein

Verdere kostbaarheden

(21) Het Albertus-raam. Ontwerp P. Wolfram Plotzke OP 1951, atelier Jakobus Melchior 1954, Afbeeldingen uit het leven van de heilige Albertus (1200-1280), dominicaan, filosoof, theoloog, natuurwetenschapper, professor van beroep, als provinciaal, als vredesstichter, als bisschop.
(22) Het sacramentshuisje, 16e eeuw, het zegenen van het brood - het Laatste Avondmaal, Mattheus en Andreas, de beide patroonheiligen van de kerk.
(23) De godslamp, 18e eeuw rococo met draken versierd. De godslamp wordt elk jaar opnieuw met de vlam van de paaskaars ontstoken en symboliseert de tegenwoordigheid van de verrezen Christus in het tabernakel.
(24) Het raam op het hoogste punt van het koor, 1899 en 1918, producten van de eucharistie: de verering van de heilige Drievuldigheid, de geestelijke en lichamelijke werken van barmhartigheid (Carolus Borromeus, Dominicus, Elisabeth, Martinus), hun uitwerking op de zielen in het vagevuur, bescherming en verlossing voor zieken en stervenden, apostelen, martelaren, heiligen uit Keulen.
(25) Koorgestoelte, 1480, profeten Bourgondisch gekleed, heiligen uit Keulen, fratsen (d.w.z. kruisingen van de diersoorten), boven het koorgestoelte op consoles groepen profeten en musicerende engelen.
Sluitstenen, de heiland, Maria met het kindje Jezus, de heilige Andreas, de heilige Mattheus.

kifue-x4-chorgestuehl

kifue-x5-pieta

(28) Piëta.
Ook de piëta (houtsniswerk van begin 14e eeuw) is afkomstig uit het voormalige dominicanenklooster van het Heilig Kruis. Daar werd het beeld als genadebeeld vereerd.

CRYPTE
De crypte is een van de oudste delen van de kerk. Nadat hij in de 15e eeuw was verwoest raakte hij in vergetelheid tot hij in 1953 weer toegankelijk werd gemaakt. Hij wordt nu gekenmerkt door de stijl van de jaren vijftig. Alleen een deel van het grafkapel van Albertus doet nog enigszins denken aan de oorspronkelijke vorm. Bij de overgang naar de grafkapel bevinden zich restanten van middeleeuwse muurschilderingen (biddende kanunniken). Altaar, ambo en tabernakelstèles zijn gemaakt door Egino Weinert.
Drieluik (1560) op het altaar. Kruisigingsgroep met Jeruzalem op de achtergrond, knielend voor Maria de schenker; links: de heilige Hiëronymus; rechts: de heilige Franciscus.
Midden op de muur aan de noordzijde bevindt zich een reliëf met de afbeelding van de heilige Thomas von Aquino - een van de belangrijkste dominicanen en theologen uit de geschiedenis. Thomas (1225-1274) was een leerling van de heilige Albertus in Keulen.


DE GRAFKAPEL VAN DE HEILIGE ALBERTUS

Het gebeente van de heilige Albertus (1200-1280) rust in een stenen Romeinse sarcofaag uit de 3e eeuw. Aan de westzijde van de kapel is een Latijnse inscriptie aangebracht, waarvan de vertaling aldus luidt:

Hier ligt de heilige Albertus de Grote, kerkleraar, geboren in 1200, in 1223 opgenomen in de orde der dominicanen, in 1248 professor in de theologie in Parijs en Keulen, 1260-62 bisschop van Regensburg, op 15 november 1280 gestorven, op 16 december 1931 door paus Pius XI heiligverklaard.
Verheug u, o gelukkig en heilig Keulen, meer dan alle andere (steden) hebt gij het als enige verdiend het stralende licht en de roem van heel Duitsland binnen uw muren te mogen hebben.


Op de 700e verjaardag van de sterfdag van de heilige Albertus op 15 november 1980 kwam paus Johannes Paulus Il op bedevaart naar het graf van de in hoog aanzien staande heilige in Keulen.

kifue-x6-krypta


 


kifue-x7-st_andreas


Samenstelling: kloostergemeenschap van de dominicanen aan de St. Andreas
Komödienstrasse 6-8, 50667 Köln
Tel. +49 (0)221 / 1 60 66 - 0
Fax +49 (0)221 / 1 60 66 - 18
www.sankt-andreas.de

Wijzigingen in verband met restauratiewerk-zaamheden voorbehouden.

Grafisch werk: Renate Friedländer

Keulen, januarius 2003